Friday, July 11, 2008

Over-Communicatiestoornis

Mijn wereld spreekt vandaag weer tegen mij. In de mist en de regen, en in de frisse ochtendlucht die mij minimaal ontmoedigd. “Dat alles toch zo vluchtig is, en woorden ontoereikend omdat ze zeggen wat je niet bedoelt.” Tenminste, omdat wat anderen denken dat je woorden zijn, niet is wat  jij bedoelt te zeggen en niet is wat  je denkt te bedoelen, en nooit is wat je denkt.
Twee chocoladekoeken in mijn schoudertas zijn volop aan het speculeren. “Ze doet niet open.” “Misschien doet ze dat wel” “We zijn met twee, wij kunnen ook van één persoon de honger stillen” “We zijn een excuus, een maak-het-goed-met-ontbijt omdat we net te vroeg aan iemands deur belanden” “Wij belanden nergens anders dan in de maag van één persoon, en snel zijn we vergeten, en die maag zal zich keren uit spijt niet af te wachten en veel te gulzig te zijn.”
Ik zoek de bel en wacht op stilte. Drie maal aan de deur van nummer drie. Mijn lievelingsgetal. Want desondanks de afwezigheid van lievelingsmuziek of lievelingskleur, een lievelingsgetal heb ik wel.Een drempel lokt mij en ik vlei mij neer. Leg de koffiekoeken het zwijgen op. Hadden ze maar zo brutaal niet moeten zijn.
Mijn sigaret kronkelt zinloze woorden in de lucht: “Spijt. Verstikking. Sterrenstof. Communicatieproblemen. Illusies. Vrijblijvendheid. Pyroklast. Vermoorden. Onderschatten. Niet binden. Verveling. Reis. Gemakkelijk. Te moeilijk. Beter niet.” Ik blaas mijn geheugen mijn longen uit en ga op stap.
Dan spreekt een straatsteen tegen mij: “Je liep al honderd keer voorbij, en nog steeds vond je niet wat je zoekt. Dat komt omdat je moet zoeken wat je vindt en niet vinden wat je zoekt. Niemand vindt wat zij zoekt, want alles is illusie.”
Wel, ik vond niet wat ik zocht. Het was nochtans niet zo moeilijk geweest. Ik zocht wat ik al gevonden had. Ik was enkel niet zo zeker van wat ik had gevonden.
Jou had ik gevonden, zoveel was duidelijk, maar ik wist niet wie jij was. Enkel dit misschien: een interessant persoon, waarvan ik de opties wou ontdekken. Ik wou het weten, maar je vroeg mij om jou niet te zoeken. Ik geloof dat dat komt omdat jij vondt wat je zocht: spoken en illusies die je op mij projecteerde, je dacht te weten wat ik denk. Maar nu doe ik net hetzelfde. Blijkt onvermijdelijk te zijn.
Zocht je excuses om niet te hoeven zoeken naar wat je nu juist gevonden had? Om niet te hoeven zoeken wie ik was, omdat de mogelijkheden je angst in boezemden. Want je wou alle mogelijkheden openhouden zonder verwachtingen, maar sommige mogelijkheden schrikken af. Je zei dat niets nog vrijblijvend was, dat je daar van wegloopt. Ik geloof dat alles altijd vrijblijvend is. Zoals je vrij was om de andere kant op te kijken en weg te gaan zonder woord van spijt toen je het kaakbeen van een kennis van mij nogal hardhandig begroette. Ik had je achterna kunnen lopen, maar ik deed het niet. Zo vrijblijvend is het leven. Zo vrijblijvend ben ik voor jou. Nu is niets meer vrijblijvend, voor mij dan toch. Ik maak geen keuzes, jij maakt die.
Mijn gsm spreekt tegen mij: “Jij bent de enige van ons twee die hier zo in opgaat. Ik meen het. Laat mij gerust en blijf uit mijn buurt aub” Maar ik heb moeite met het identificeren van het bericht met de persoon aan de overkant. Ik heb moeite met het identificeren van de inhoud van het bericht met mezelf. Dit klopt niet. Vervloek de moderne communicatiemiddelen. Je had langs moeten komen, je had moeten merken dat ik geen avances zou maken, dat ik enkel zou geprobeerd hebben je ogen te lezen, en misschien even je hand aan te raken. Dat ik had gelachen en gesproken over het weer en dan af zou wachten of en hoe je mijn leven zou kruisen. Nu kruistten onze woorden elkaar veel te vaak, als botsingen, als voeten die naast hun schoenen liepen en vreemden die weigerden elkaar te begrijpen.

Nu zit ik achter mijn laptop en zelfs die schreeuwt: “Inspiratie! Inspiratie! Aspiraties! Dompel jezelf onder in de wereld van technisch wonder en verlies jezelf.” Ik wil duidelijkheid scheppen in mezelf. Je mag niet denken te weten wie ik ben. Ik denk niet te weten wie jij bent, ookal denk jij misschien wel dat ik dat denk. Maar ik was gestopt met denken. Of ik probeerde dat toch. Ik denk dus ik ben. In elkaars gedachten zijn wij niet wie we zijn, want we denken elkaar en geven elkaar een fout bestaan.

Dan wis ik je nummer, maar niet mijn geheugen.
Straks deel ik je deze gedachten mee. Misschien denk je dat ik hier teveel in opga, misschien wis je mijn woorden voor je ze hebt gehoord, misschien geloof je niet wat ik geloof.
Filosofie is verduidelijking, en ik ben een filosoof (dat houd ik mij toch voor).
Maar doe een beetje moeite en lees mij zoals ik ben. En schrijf mij eens als alles nog slechts schaduw onder de zon is. Ik ben het beu om spijt te hebben, maar toch spijt het mij zeer dat woorden veel te vaak verkeerd worden gehoord.

Posted by Lava Levenslust at 15:52:07
Comments

3 Responses to “Over-Communicatiestoornis”

  1. Sofie says:

    Ik zoek de woorden om dit toch iet wat zinnig te laten klinken, en het lukt me niet echt. Maar wauw. Echt indrukwekkend! Het einde als de stilte na een goed boek!

  2. Thanks so very much for taking your time to create this very useful and informative site.

  3. You still write on here! Thanks :)

Leave a Reply